Voor hulp met ons onderzoek hebben we een mentor, Katja Peijnenburg. Ze werkt bij het Naturalis biodiversity center en bij Freshwater And Marine Ecology (FAME) van de UvA. 

De zee wordt al jaren zuurder. In de afgelopen eeuwen is dit een constante fluctuatie geweest, maar de afgelopen decennia is er een harde stijging gemeten. Dit komt door de extra CO2 in de lucht dat door mensen is veroorzaakt. Een direct gevolg hiervan is de afbraak van calcificerende organismen. Op dit moment zijn de gevolgen al zichtbaar in zeer kleine schelpdieren. Het skelet of de schelp van de dieren worden aangetast.

Door de industriële revolutie is er een verhoogde concentratie koolstofdioxide (CO₂) in de atmosfeer. Dit gaat nog steeds in stijgende lijn door. De oceanen hebben tot nu toe rond de 30% van de koolstofdioxide opgenomen in hun wateren. Koolstofdioxide reageert met grote hoeveelheden water. Hierdoor ontstaat diwaterstofcarbonaat (H₂CO₃). Dit valt weer uit elkaar in H+ + HCO₃. Een afzonderlijk waterstofdeeltje wordt ook wel een proton genoemd en dit is zuur. Als de concentratie protonen dus verhoogt zal de oceaan een lagere pH-waarde krijgen. Calcificerende organismen zullen in een minder basische oceaan sneller oplossen en meer moeite hebben om hun skelet te maken. Dit komt doordat het kalk in de uitwendige kalkskeletten van de organismen reageert met het zuur, het lost bij wijze van spreken op.

Algen maken gebruik van fotosynthese, dit is een proces waarbij planten met behulp van zonlicht en koolstofdioxide zuurstof en voedingsstoffen maken. Deze zuurstof laten ze weer vrij en zo komt er veel zuurstof in de oceaan en in de lucht. Het fytoplankton zorgt voor minstens 50% van de fotosynthese op aarde, maar een groot deel van deze algen kan niet tegen zuur. Dit zou betekenen dat er op den duur veel minder zuurstof in de lucht zal zijn. Uitzonderingen hierop zijn kiezelwieren (diatomeeën). Door het silicaat in hun skelet overleven ze wel in het zuur.

Veel ‘populaire’ milieuproblemen zijn bekend doordat het probleem goed waarneembaar is. Neem bijvoorbeeld plastic soep, al het plastic in de oceaan is zichtbaar en daardoor is het makkelijker om er een beeld bij te schetsen. Ons doel is om oceaanverzuring te visualiseren. Wij denken dat we door het probleem in beeld te krijgen mensen echt kunnen laten zien hoe een groot probleem oceaanverzuring eigenlijk is.

We willen door middel van pH-papier (lakmoespapier) de verzuring van de oceaan met behulp van kleur in kaart brengen. Ook willen we foto’s nemen van de doorschijnbaarheid van het water, hiermee hopen we de hoeveelheid algen in het water op te meten. Ook weer met deze foto’s is ons doel de effecten van oceaanverzuring te laten zien. Uiteindelijk willen we als eindresultaat een A3 blad maken met alle metingen (verwerkt in grafieken), foto’s, waarnemingen en conclusies. Zo creeëren we een soort poster waarop de oceaanverzuring in beeld is gebracht.


The sea is becoming more acidic for years. In the past centuries there has been a constant swing, but in the past decades there has been measured an increased ascent. This is because of the extra CO2 in the atmosphere caused by humankind. A direct consequence is the demolition of organisms with a spine made out of calcium. Right now the consequences are evident by small sea creatures. The skeleton or the shell of the organisms are corroding.

Because of the industrial revolution the concentration of carbon dioxide (CO₂) is increased. This is still an upward trend. The oceans have absorbed 30% of the carbon dioxide. Carbon dioxide reacts with great amounts of water. Thereby forms carbonic acid (H₂CO₃). This falls apart in H+ + HCO₃. One single hydrogen particle is also named a proton, which is acidic. If the concentration of protons increases, the oceans will get more acidic (a lower pH-value). The organisms will dissimilate faster in an acidic ocean. This is due to the external spines of calcium of the organisms, which reacts with acid, it will resolve so to speak.

The process of photosynthesis occurs by algae, this process is used by plants to make oxygen and nourishment with help of sunlight and carbon dioxide. They release the oxygen into the atmosphere and the ocean. The phytoplankton provides at least 50% of the photosynthesis, but a large part of these algae can't survive in a more acidic environment. This would mean that over a long period of time, there will be much less oxygen in the atmosphere. Exceptions are diatoms. They got a spine of silicate, so they won't resolve.